donderdag 7 augustus 2014

Leuvehaven in beeld (14)


Donderdag 7 augustus, 14.30 uur: het klaart op na een flinke onweersbui. ’s Ochtends was er een echt vakantiesfeertje op de kade, met rondkijkende gezinnen, een jong stel dat elkaar uitgebreid voor de voortoren fotografeerde en de vrijwilligers van ‘De Hoop’, die onder een parasol uit het zonnetje op bezoekers zaten te wachten. De regen joeg iedereen weg, maar nu komen de belangstellenden weer tevoorschijn.

De giek van het stoomkraantje op de kade is neergelaten op een bok. Er wordt groot onderhoud gepleegd; een paar weken geleden werd het kraanhuis in de verf gezet en nu is de giek aan de beurt. Nog wapperen de gele vlaggen van Het Havenmuseum op de schepen, kranen en steigers. Maar dat duurt niet zo lang meer. Volgende maand zijn de Havendagen en dan wordt de nieuwe huisstijl van het gezamenlijke Maritiem Museum gelanceerd!

woensdag 23 juli 2014

Zo goed als nieuw!


Het vervoer van scheepsmodellen is een aparte tak van sport. Wij van het Maritiem wisten dat natuurlijk al lang, maar voor sommige expeditiebedrijven is dat een nieuwtje. Zeker als een model verpakt is in een kist, kan er van alles misgaan. Een kist is tenslotte een kist, en als je niet kunt zien wat er in zit kan er wel eens nonchalant mee worden omgesprongen. Zeker bij internationaal vervoer, waarbij er vaak van transportmiddel wordt gewisseld. Bij de repatriëring van de Nedlloydcollectie uit de buitenlandse vestigingen, inmiddels alweer een jaar of acht geleden, bleek dat maar weer eens. We’ve seen it all: kisten die onderste boven werden vervoerd, kisten die van een heftruck waren afgevallen – “stuiteren” werd dat door een oud-collega wel genoemd – vitrines die gevuld waren met polystyreen balletjes, zodat het model helemaal moest worden leeggepeuterd – kortom: veel ellende. Maar de lotgevallen van de ‘Ares’ spanden de kroon.
Een op zich mooi modelletje van een typisch eind jaren ’50 vrachtschip, dat jarenlang in het kantoor van P&O Nedlloyd in Norfolk, Virginia had gestaan en dat met zijn fraaie gebogen front van het dekhuis en zijn imposante laad- en losgerei een mooie vertegenwoordiger was van een –es-klasse schip van de KNSM. Kenners weten waarover we het hebben.
Bij het verpakken voor het transport naar Nederland was de glazen vitrinekap verwijderd, omdat die gescheurd bleek te zijn. “The mast will also need some repair when it gets back to Rotterdam”, zo schreef de plaatselijke chief representative van P&O Nedlloyd in een mailtje.
Maar daar zou het niet bij blijven.

Het model werd samen met drie andere modellen – “in perfect condition” volgens de chief representative – op een koude februaridag in 2006 bij het museum afgeleverd. We wisten niet wat we zagen. Over de toestand van de andere drie modellen zal yours truly maar het zwijgen toe doen, anders wordt dit blog te lang, maar de ‘Ares’ had onderweg wel een heel aparte ervaring opgedaan. De kist was klaarblijkelijk aangereden door een vorkheftruck en de lepel van de heftruck had de voorkant van de kist naar binnen geslagen. Twee centimeter verder en de boeg van het model was in elkaar gedrukt. De fineerlaag van de bodemplaat was door de kracht wegschraapt maar had gelukkig erger voorkomen.

Tot zover het goede nieuws. Alles, maar dan ook werkelijk alles aan het model was los of kapot. Het dekhuis stond scheef op de romp, reddingboten, davits, dekluiken, luchthappers en trapjes lagen verspreid over de bodem van de kist, de masten stonden schots en scheef (maar dat wisten we al door het mailtje), de tuigage was aan flarden – kortom: het model was zo goed als total loss.

Een uitgebreide mailcorrespondentie met de chief representative in East Rutherford volgde. De beste man putte zich uit in excuses jegens ons en verwensingen en dreigementen met schadeclaims richting de verantwoordelijken voor de gang van zaken. Maar daarmee was het model niet gerestaureerd. Twee restauratoren hebben de schade in ogenschouw genomen en bekeken of het nog de moeite van het proberen waard was. Uiteindelijk was het onze eigen modelrestaurator Marco die de handschoen oppakte en het model onlangs volledig in oude luister herstelde.

En nu hebben we er weer een prachtig model bij. Ares, de god van de oorlog, heeft ook deze slag overleefd!

maandag 21 juli 2014

Werklui in interieur


Wat maakt een foto komisch? Tussen de duizenden glasnegatieven van de werf Wilton Fijenoord die de afgelopen jaren zijn gedigitaliseerd, zitten twee opnamen van werklieden in een interieur, staand voor een schoorsteenmantel. De één blikt zelfbewust in de lens van de fotograaf, de ander kijkt enigszins ongemakkelijk, alsof hij niet gewend is om te worden gefotografeerd – en zeker niet buiten de vertrouwde omgeving van zijn werkplaats. De linker heeft een sjaal om de nek, want het kan koud zijn op de helling of in het dok. De rechter draagt werkhandschoenen en houdt een sigaartje tussen de vingers geklemd. Dat kon toen nog... Beiden zijn voorzien van een stevige knevel, een pet en statige bottines. Van de nu bekende veiligheidsschoenen had toen nog geen mens gehoord.
De Wilton Fijenoordcollectie bevat heel veel interessant materiaal. Niet alleen “foto’s van bootjes”, maar ook scènes op de werf, in de tekenkamer, op de scheepshellingen en foto’s van diverse andere activiteiten die het dagelijks leven op een scheepswerf bepalen. Toch fascineren deze twee opnamen van die twee werfarbeiders mij meer dan alle andere foto’s uit die collectie.
Het is een raadsel wat die lui daar doen. Ze staan waarschijnlijk in het kantoor van de werf, weggeroepen uit hun dagelijkse werkzaamheden. De reden van hun aanwezigheid daar is niet duidelijk.

De tweede foto spant zonder meer de kroon: achter de mannen is een stoel neergezet en op die stoel staat klaarblijkelijk hun baas – of misschien wel de directeur zelf: duidelijk herkenbaar in een pak met vest, een bijpassend vestzakhorloge, een das om en een bolhoed op. Als om het verschil in hiërarchie nog eens extra te benadrukken, houdt hij zijn handen in een soort zegenend gebaar op de hoofden van zijn ondergeschikten. Paternalisme ten voeten uit – je zou er haast socialist van worden!

Zo biedt zo’n foto een aardig kijkje op de toenmalige maatschappelijke verhoudingen binnen de scheepsbouw. En ook dát is maritieme geschiedenis!

maandag 14 juli 2014

Leuvehaven in beeld (13)


Donderdag 10 juli, 14.32 uur: Warm, enigszins broeierig zomerweer. Het ‘Annigje’ ligt onder zeil en op de plaats van de ‘Buffel’ ligt nu het ponton ‘Zijpe’ van het Havenmuseum. De ‘Buffel’ bood toch een spectaculairder aanblik…
De eerste tekenen van de groeiende samenwerking worden nu ook langs de Leuvehaven zichtbaar. Opeens staan er overal wegwijzers op de kade, die de passanten attent maken op de zomeractiviteiten die door de beide musea worden georganiseerd. Het speelterrein is uitgebreid tot het hele kadegebied van de Leuvehaven. Tot eind augustus kunnen kinderen met hun ouders op woensdagen, zaterdagen en zondagen aan boord van de afgemeerde museumschepen op zoek naar het verdwenen geldkistje van de vuurtoren.

Ondertussen wordt achter de schermen in hoog tempo gewerkt aan de samensmelting van de beide musea. De coming out van “het nieuwe” Maritiem Museum is gepland voor de Wereldhavendagen in september. Een stortvloed van activiteiten moet er dan voor zorgen dat iedere inwoner van Rotterdam en de regio zal weten dat beide musea gaan fuseren.

Tot die tijd is het rustig aan de Leuvehaven. Met vandaag voor de voorbijgangers een visueel cadeautje: het ‘Annigje’ ligt onder zeil. Prachtig, toch?

woensdag 11 juni 2014

Leuvehaven in beeld (12)


Donderdag 5 juni, 14.35 uur: Het is net even droog na een paar stevige regenbuien. Maar het komend weekend wordt het mooi weer. Op de kade lopen een paar toeristen en twee toekomstige collega’s van het Havenmuseum. En dat brengt ons weer bij de fusie.
De afgelopen weken is een aantal brainstormsessies gehouden waarbij medewerkers en vrijwilligers van beide musea zich onder het motto “Waartoe zijn wij op aarde?” bogen over de merkidentiteit van het nieuwe Maritiem Museum. De uitkomst van die discussies vonden hun weerslag in schema’s met pijlen, vraag- en uitroeptekens in diverse primaire kleuren, verduidelijkt met doorhalingen en onderstrepingen. Dat alles werd opgesierd door Post It-memoblaadjes gevuld met kreten, trefwoorden en antwoorden op de vraag waarom je als medewerker trots bent op het museum en waar het met het museum de komende jaren naar toe zou moeten.
Waar het op korte termijn naar toe gaat, werd deze week duidelijk. Deze week is door Maritiem Museum en Havenmuseum het jaarplan voor 2015 bij de Gemeente ingeleverd. Het eerste jaarplan van het nieuwe Maritiem Museum: een mijlpaal om even bij stil te staan. Tijdens een personeelsbijeenkomst in het Verolmepaviljoen werd het jaarplan door de directie toegelicht en werd de stand van zaken rond het fusietraject uiteengezet. Veel zaken zijn nog niet helemaal uitgekristalliseerd en dat was niet voor alle aanwezigen even gemakkelijk verteerbaar. Met name het geduld van de vrijwilligers van het Havenmuseum leek op de proef te worden gesteld, omdat zij hun kennis en ervaring graag willen overdragen op een jongere generatie. Maar Keulen en Aken zijn ook niet op één dag gebouwd: met een beroep op ieders medewerking, begrip en – vooral – geduld gaan de directies van beide musea door op de ingeslagen weg.
De volgende personeelsbijeenkomst is over een paar weken: met nieuwe haring!

maandag 26 mei 2014

Herinneringen aan de Grote Oorlog


Overal in Frankrijk kom je ze tegen, tot in het meest afgelegen dorp: monumenten die herinneren aan la Grande Guerre – de Eerste Wereldoorlog, volgens velen het echte begin van de twintigste eeuw. Nederland was toen neutraal en de gruwelen van 1914-1918 gingen dan ook goeddeels aan ons land voorbij. Toch zijn ook hier herinneringen aan die oorlog terug te vinden. Niet in de vorm van eindeloze velden waarin nog vrijwel wekelijks sporen van de strijd worden teruggevonden, zoals in België en Noord-Frankrijk, maar meer verstopt in ladekastjes en dozen op zolder. Fotoalbums, krantenknipsels, medailles en granaathulzen vertellen evenzeer het verhaal van die oorlog als de vroegere slagvelden van Noord-Frankrijk, de IJzertoren bij Diksmuide, de oorlogsbegraafplaatsen her en der met de onafzienbare rijen witte kruisen en het graf van de onbekende soldaat onder de Arc de Triomphe.
Naar die verhalen wordt nu gezocht, voordat ze – een eeuw na dato – volledig in de vergetelheid wegzinken. In het kader van het Europese project Europeana 1914-1918 werd daarvoor afgelopen zaterdag de laatste van drie “collectiedagen” gehouden. Na Huis Doorn en het Markiezenhof in Bergen op Zoom was het Maritiem Museum Rotterdam de gastheer van een omgekeerde Tussen Kunst & Kitsch.

Waar in de regel de experts hun kennis spuien aan de bezoekers, was het nu de beurt aan de eigenaren om het verhaal te vertellen van de voorwerpen die ze hadden meegebracht. De conservatoren van het museum zaten klaar om de verhalen op te tekenen en zo nodig door te vragen. De medewerkers van de afdeling Informatiebeheer zorgden voor het fotograferen en scannen van de objecten om ze op de website te kunnen plaatsen.

De opkomst hield helaas geen gelijke tred met de vooraf gekoesterde verwachtingen, maar al met al kwam er toch nog een aantal interessante objecten voorbij. Naast de fotoalbums van militairen met verhalen over de mobilisatie, het eindeloze wachten op oorlogshandelingen die uitbleven en het vechten tegen de verveling, waren er ook voorwerpen die emoties opriepen. Zoals de medailles en de bewaard gebleven eetlepel van de Engelse tuinderszoon Daniel Howard uit Twinstead, die als jongeman in de bloei van zijn leven de oorlog inging, de slag bij Verdun overleefde en als invalide naar Engeland terugkeerde – om daar te constateren dat er voor mensen zoals hij geen enkele opvang was geregeld. Ervaringen van mannen zoals hij leidden in 1921 tot het oprichten van het British Legion, dat zich het lot van de veelal invalide veteranen aantrok. Tot op de dag van vandaag draagt deze organisatie zorg voor de opvang van gedemobiliseerde soldaten van het Verenigd Koninkrijk.

Een van Howards nazaten in Nederland heeft zijn persoonlijke bezittingen geërfd en is als voorzitter van de Nederlandse tak van het British Legion actief. Door haar en door talloze anderen wordt na een eeuw nog steeds de herinnering aan en de lessen van de Eerste Wereldoorlog levend gehouden. En nu dus ook door de website Europeana 1914-1918, waarop dit en honderden andere verhalen te lezen zijn.

Zie voor het project: http://www.europeana-collections-1914-1918.eu/ en voor de website: http://www.europeana1914-1918.eu/nl

vrijdag 9 mei 2014

Leuvehaven in beeld (11)


Donderdag 8 mei, 14.30 uur: harde wind en veel regen wijzen in de richting van een vroege herfst. In de Leuvehaven ligt de ‘Dockyard V’ onder stoom, aan de Wilhelminakade ligt de ‘Aidastella’ van Aida Cruises afgemeerd. Het cruiseschip – gebouwd bij de Meyer Werft in Papenburg – is vanmorgen om 10 uur gearriveerd; vanavond om 22 uur kiest ze weer zee.
De foto is eigenlijk een week te laat gemaakt, maar yours truly kan helaas niet op twee plaatsen tegelijk zijn. Daardoor heb ik wel wat moois gemist: vorige week donderdag was de Leuvehaven niet alleen het toneel van varend erfgoed, maar ook van rijdend erfgoed. Collega Marcel spotte zo maar vier Citroëns Traction Avant op de kade!