Berichten weergeven met het label Den Helder. Alle berichten weergeven
Berichten weergeven met het label Den Helder. Alle berichten weergeven

vrijdag 9 november 2012

Tonijn in blik of Christo in Den Helder


We hebben al een tijd niets meer van Christo gehoord. U weet wel: die Amerikaanse kunstenaar die bekend is geworden met zijn grote projecten waarbij hij complete gebouwen verpakte. De Pont Neuf in Parijs (1985) en de Rijksdag in Berlijn (1995) zijn het bekendst geworden, maar ook eilanden en zelfs een complete kuststrook bij Sydney (1969) zijn door hem onder handen genomen. ”Conceptuele kunst” heet dat zo mooi in vaktermen: door objecten in hun “natuurlijke omgeving” in te pakken, worden ze tot abstracte vormen en wordt de beschouwer gedwongen er met andere ogen naar te kijken.

Christo’s projecten hadden een tijdelijk karakter en dat was dan weer een meevaller voor de gebruikers: een ingepakt gebouw krijgt tijdelijk een geheel andere functie en dat kan knap lastig zijn als je in dat gebouw moet werken of die brug moet oversteken. Veel van Christo’s ideeën hebben het dan ook niet verder gebracht dan de tekentafel. Dat was voor hem geen bezwaar: het idee – het concept – was voor hem het belangrijkste. En elk uitgevoerd concept betekende meer reclame.


Onlangs is een minder bekend plan van hem alsnog gerealiseerd. Althans: zo leek het, toen we vorige week in Den Helder de veerboot afreden en langs het Marinemuseum kwamen. Want daar lag de ‘Tonijn’, verpakt en wel. Niet in blik, zoals je tonijn tegenwoordig het vaakst ziet, maar in dekzeilen wegens groot onderhoud. Uit eigen ervaring weet ik dat het hard kan waaien als je op de ‘Tonijn’ staat, met het open water van het Marsdiep net aan de andere kant van de zeedijk. Zo’n zeiltje is dan ook geen overbodige luxe als je daar aan het werk bent.
De overeenkomsten met Christo’s werk waren dan ook zuiver toeval. Maar hij had het zelf kunnen verzinnen…!

De ‘Tonijn’ is nog tot en met 1 december a.s. voor onderhoud gesloten. Daarna kunt u er weer terecht. Zie www.defensie.nl/marinemuseum.

woensdag 12 mei 2010

Piraten in het Marsdiep?



Te oordelen naar het weer was de herfstvakantie dit jaar vervroegd naar de eerste week van mei. Daarom bevond yours truly zich vorige week maandag aan boord van de veerboot van half tien van Den Helder naar Texel voor een weekje uitwaaien. Een straffe noordenwind blies om de oren, schuimkoppen bekroonden de golven en dat alles tegen een achtergrond van lucht en water in een combinatie van diverse tinten grijs.
In het Marsdiep was een marinefregat voor anker gegaan. Te oordelen naar het naamsein F804 was het Hr.Ms. ‘De Ruyter’, een Nederlands fregat van de Zeven Provinciënklasse en gebouwd in 2004. Zo’n onverwachte ontmoeting halverwege de overtocht maakt een hoop gedachten los, zeker als je behept bent met een zekere mate van maritieme beroepsdeformatie.
Uiteraard roept de naam De Ruyter al een wereld van maritieme grandeur op. Niet voor niets speelt Michiel de Ruyter zo’n prominente rol in de Maritieme Canon van Nederland, zoals te zien is in de tentoonstelling “Geen zee te hoog” in het Maritiem Museum. Daarnaast zijn er de voor de hand liggende verschillen in looks tussen de Hollandse tweedekker uit de tijd van De Ruyter en een begin 21ste-eeuws Nederlands marinefregat. Zo’n fregat is in feite een grote dichte drijvende doos, met een enorm aantal antennes en een vervaarlijk rondzwaaiende radar op het achterschip. Alleen het kanon op het voordek verwijst nog expliciet naar de bewapening aan boord; de rest van het gevaar schuilt benedendeks.
De ‘De Ruyter’ nam begin 2009 deel aan het World Food Programme voor de kust van Somalië en zal van juli dit jaar tot april 2011 afwisselend met haar zusterschepen de ‘Zeven Provinciën’ en de ‘Tromp’ worden ingezet bij operatie Ocean Shield. Deze operatie is bedoeld ter bescherming van de transporten over zee van noodhulpgoederen naar Somalië. Dergelijke transporten worden regelmatig aangevallen door piraten die in de Golf van Aden en de Indische Oceaan opereren. Bescherming van de zeevaartroutes voor humanitaire transporten en voor handelsvaart is dus noodzakelijk. De vraag is alleen: tegen wie? Zijn het “echte” piraten of zijn het wanhopige Somaliërs, die naar de wapens grijpen om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien? Wat is een piraat eigenlijk? En daarmee komen we dan bij het thema van het derde gezamenlijke jaarboek dat eind dit jaar door het Maritiem Museum Rotterdam en het Nederlands Scheepvaartmuseum Amsterdam zal worden uitgegeven: de beeldvorming omtrent piraterij. Daarover echter meer in een volgend blog.
Nog één bespiegeling naar aanleiding van deze ontmoeting, eigenlijk meer een praktijkdemonstratie van maritieme tactiek. De lucht is blauw, de zee is blauw – over het algemeen dan – maar een marineschip is grijs. Hoe effectief die kleur is, bleek toen de veerboot tien minuten later bijna de haven van ’t Horntje op Texel had bereikt. In de richting van Huisduinen kijkend was de ‘De Ruyter’ al nauwelijks meer zichtbaar, opgeslokt in het grijs van de lucht en de zee.