maandag 15 april 2013

Oude meesters en lekkere hapjes


Dé culturele gebeurtenis van de afgelopen maanden was uiteraard de feestelijke heropening van het Rijksmuseum. En zoals dat gaat bij dergelijke grote gebeurtenissen, werd in de afgelopen weken weer op pijnlijke wijze duidelijk hoe de maatschappelijke waterscheiding in cultureel Nederland liep tussen de mensen “die er toe doen” en de mensen die dat klaarblijkelijk niet doen. Om concreet te worden: tussen de uitverkorenen die een uitnodiging voor één van de vele voorbezichtigingen hadden ontvangen en zij die daarvan verstoken waren gebleven.

Tot zijn niet geringe verbazing (en niet alleen die van hem…) bleek yours truly tot de eerste categorie te horen. Zo mochten we met enkele collega’s de dinsdag voor de officiële opening met pakweg zo’n tweeduizend andere gelukkigen een kijkje komen nemen in “het Nieuwe Rijks”. Dankzij de zorgvuldig opgebouwde publiciteitscampagne waren de verwachtingen hoog gespannen en – believe you me – alle superlatieven bleken waar te zijn. Het veelbesproken grijs van de wanden was majestueus grijs, de Hollandse Meesters hingen weer in volle glorie te pronken, de kunstnijverheid stond gezellig tussen de kunst zonder nijverheid en in de zalen was het een soort doorlopende reünie van oud-collega’s van vroegere werkkringen en andere mensen die je soms in geen eeuwen had gezien. Sommigen bleken geen spat veranderd, anderen waren duidelijk op weg om zelf oude meesters te worden.

In het Atrium – dé revelatie van de renovatie – werden we gastvrij ontvangen door dames met aandachttrekkende hoedjes, die de inwendige mens verzorgden. Om de dichter Willem Kloos te parafraseren: Cultuur is mooi, maar je moet er wel iets te drinken bij hebben.

En uiteraard waren we nieuwsgierig naar de Marinemodellencollectie, die – na een marginaal bestaan van jaren in de oude presentatie – nu de ruimte krijgt in de speciale opstellingen in de kelder. Tussen de gewelven is de rijkdom van deze verzameling modellen en maquettes, het neusje van de zalm op maritiem gebied en het visitekaartje van negentiende-eeuws Hollands maritiem-technisch vernuft, royaal gepresenteerd. Een opstelling die in veel opzichten aan die in het Antwerpse MAS doet denken (maar dan mét glazen wanden en zonder de op de zenuwen werkende signaalbeveiliging) en die de liefhebbers doet watertanden.

We komen zeker nog vele malen terug in het Rijks, maar die sensationele ervaring dat je in je eentje voor het Straatje van Vermeer, voor de Staalmeesters en voor het Joodse Bruidje hebt gestaan, zul je als gewone bezoeker waarschijnlijk nooit meer hebben…


En uiteraard is niets menselijks ons vreemd. Het aanbod van een collega om ons voor de Nachtwacht op de foto te zetten, konden hoofd Informatiebeheer Ben en yours truly zich uiteraard niet laten ontglippen. Tóch jammer dat de flitser van de camera niet was uitgeschakeld: de suppoosten die op zaal stonden waren bepaald niet geamuseerd!

Zie voor meer informatie over het Rijksmuseum: www.rijksmuseum.nl.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen