Posts tonen met het label collectie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label collectie. Alle posts tonen

vrijdag 6 november 2015

Leuvehaven in beeld (29)


Donderdag 5 oktober, 14.45 uur: Er is momenteel niet veel spectaculairs te zien in de Leuvehaven: de gastensteiger ligt er verlaten bij, er lopen wat voorbijgangers over de kade en dat is het wel zo’n beetje – althans voor wat het buitengebeuren betreft.
In het hoofdgebouw hebben we de vierjaarlijkse externe controle van ons collectiebeheer weer achter de rug. Dit is een periodiek terugkomend onderdeel van de beheerovereenkomst die bij de verzelfstandiging van het Maritiem Museum in 2006 is afgesloten tussen de gemeente Rotterdam als eigenaar van de collectie en de Stichting Maritiem Museum Rotterdam als beheerder. Het Erfgoedhuis Zuid-Holland heeft de afgelopen weken het museum en de collectie doorgelicht om zich een oordeel te kunnen vormen of het Maritiem Museum zijn taken als collectie beherende instelling naar behoren uitvoert. Bij dit onderzoek is een flink aantal medewerkers van diverse afdelingen betrokken geweest, ieder vanuit zijn of haar eigen discipline. Inmiddels zijn de steekproeven in de collectie gehouden, interviews zijn afgenomen en ook de laatste aanvullende vragen zijn alsnog beantwoord. En nu is het wachten op het eindrapport!

woensdag 11 juli 2012

Een zeemansleven in oorlogstijd


Je loopt bij De Slegte, je kijkt eens bij de boeken over scheepvaart omdat je man en je grootvader hebben gevaren en je vader ook bij een scheepvaartmaatschappij heeft gewerkt. Je ziet een boek staan dat je aandacht trekt en je ziet op de cover een schilderij waarop je grootvader is afgebeeld. Dat schilderij hing vroeger altijd boven het bureau van je (inmiddels overleden) vader en de afgelopen twintig jaar heb je je meermalen afgevraagd waar het eigenlijk gebleven was.
Dit overkwam de mevrouw die twee weken geleden in de kantine van het museum tegenover ons aan tafel zat. Het schilderij is gemaakt door Evert Jan Ligtelijn (1893-1975), die in opdracht van de KNSM regelmatig schilderijen maakte aan boord van KNSM-schepen. De afgebeelde kapitein was Barend Klip, in leven gezagvoerder op het s.s. ‘Cottica’ van de KNSM.
Barend Klip was afkomstig uit een eenvoudig gezin uit Ballum op Ameland. Begonnen als scheepsjongen, “voor de mast” zoals dat heet, klom hij door de afwisseling van varen en opleiding het lange traject naar de top: vierde stuurman, derde stuurman, tweede, eerste en vervolgens kapitein.

Het moet een aardige man zijn geweest, maar wel met natuurlijk gezag, te oordelen naar de foto’s die zijn kleindochter had meegenomen. Samen met de documenten en de foto’s die haar vader meer dan vijftien jaar geleden al aan het museum had geschonken, ontstond op de tafel het beeld van een zeemansbestaan met lange reizen, ver van huis. Zoals zo vaak liep ook het leven van kapitein Klip anders dan verwacht. Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was hij aan boord van zijn schip. Alle Nederlandse zeelieden die op dat moment buitengaats waren, werden op grond van het zogenoemde Vaarplichtbesluit onder gezag van de Nederlandse regering in ballingschap geplaatst. Ze moesten blijven varen om de geallieerde bondgenoten bij te staan in hun oorlogsinspanningen en terugkeer naar Nederland was uitgesloten.
Onder de twaalfduizend Nederlandse zeelieden die dit overkwam, was ook Barend Klip. Klip maakte deel uit van de delegatie die op 28 juni 1943 in het Canadese Ottawa aanwezig was bij de doop van prinses Margriet, waarbij ze als petekind van de Nederlandse koopvaardij werd aangenomen. Op de foto die van die plechtigheid is gemaakt, haal je hem er direct uit. Klip tobde al jaren in toenemende mate met zijn gezondheid, maar wist dat voor eenieder te verbergen en bleef op de ‘Cottica’ zijn zeemansplicht vervullen. Totdat het echt niet meer ging. Hoewel de artsen het hem ontraadden, ging hij telkens weer terug aan boord. Uiteindelijk was ook dat hem te zwaar: hij overleed aan wal op Curaçao, op 2 februari 1944. Bij zijn begrafenis was zijn oudste zoon aanwezig, evenals vele collega’s van de KNSM. In een brief aan het New Yorkse kantoor van de KNSM wordt Klip geroemd om de orde en discipline die aan boord van zijn schip heerste en die alleen mogelijk was door zijn invloed en door het respect dat hij van zijn bemanning genoot. Zijn plichtsbetrachting en zijn toewijding aan zijn vaderland en de Maatschappij werden als een voorbeeld voor velen beschouwd.
Barend Klip: een man uit één stuk!

donderdag 17 maart 2011

Digitale hoogstandjes


Een van de schatten van het Maritiem Museum is de “Mercatoratlas”. Het is eigenlijk geen echte atlas, maar een wereldkaart die in stukken is geknipt en die is ingebonden. Een “kaart in atlasvorm”, zoals het door mijn collega Sjoerd wordt genoemd. En eigenlijk bestaat de atlas niet uit één kaart, maar uit delen van twee, of zelfs drie verschillende kaarten. Hoe het ook zij, de Mercatoratlas is een topstuk. Van de wereldkaart van Mercator zijn wereldwijd maar drie complete exemplaren bekend, waarvan het onze de enige ingekleurde en ingebonden kaart is.

In 2012 wordt herdacht dat Gerard Mercator 500 jaar geleden werd geboren. Ter gelegenheid daarvan wordt in het Maritiem een tentoonstelling georganiseerd en verschijnt er een speciaal boek waarin de atlas in zijn geheel wordt gereproduceerd. Daarvoor moest de atlas worden gefotografeerd en dat had heel wat voeten in de aarde. Vanwege de zeldzaamheid moest de atlas hier in huis worden gefotografeerd. Een gespecialiseerde fotograaf kwam met maar liefst twee assistenten en een voor een vermogen aan apparatuur naar het museum om hoge-resolutie opnamen van de kaarten in de atlas te maken - voor de kenners volgens de one shot/multi shot- methode, waarbij van elke kaart vier afzonderlijke foto’s worden gemaakt met elk zijn eigen kleurenspectrum. Dat levert enorme grote digitale bestanden op, die moeten worden gedownsized om er iets mee te kunnen doen.

Het maken van de opnamen kostte twee volle dagen, waarbij telkens heel kritisch moest worden gekeken of de bladen in de atlas wel mooi horizontaal lagen. Elke oneffenheid zou onscherpe partijen op de foto opleveren, en daarmee het effect bederven. Dat gold ook voor mogelijke trillingen tijdens de opname. Je voelt het zelf niet, maar de camera registreert de trillingen en blokkeert automatisch. Dan besef je weer dat het museum boven de metrobuis staat.

Elke opname werd op het scherm van een iMac uitvergroot, om te kunnen beoordelen of de hij wel scherp genoeg was. En leve Photoshop! – omdat de bladzijden te groot waren om in één keer te worden opgenomen, moesten telkens twee opnames aan elkaar worden gemonteerd.
Het resultaat van al dat werk ligt nu naast mijn toetsenbord, in de vorm van een klein zwart doosje, ter grootte van een pakje sigaretten: een externe harddisk, met daarop de digitale bestanden. Heel handig en technisch geavanceerd – maar ik heb toch eigenlijk liever een écht boek…

Sjoerd de Meer, Atlas van de Wereld, uitgave Walburg Pers, verschijnt dit najaar. De tentoonstelling in het Maritiem Museum Rotterdam over Mercator begint op 24 september 2011.

donderdag 23 december 2010

Pieter


Afgelopen week moesten wij afscheid nemen van Pieter, die gedurende twee jaar als medewerker collectieregistratie tijdelijk de gelederen van de afdeling Behoud & Beheer heeft versterkt. Met zijn imposante gestalte, zijn sonore stem en zijn verzorgde kleding naar Engelse snit was hij – every inch a gentleman – een opvallende verschijning in de gangen van de kantoorvleugel. Als laatsten verschenen wij beiden tot voor een jaar nog met een das om op het werk. Nadat ook ik mijn “Prins Claus-moment” had beleefd en het dragen van een das onder werktijd had afgezworen, zwichtte Pieter tenslotte eveneens en verscheen ook hij met een open boord. Maar het colbert bleef aan!
Pieter is historicus en archivist en heeft een fabelachtige kennis van militaire geschiedenis – een erfenis van zijn vorige baan bij het Legermuseum in Delft. Die kennis kwam goed van pas bij het beschrijven van de collectie foto’s van marineschepen, bij uitstek een kolfje naar Pieters hand. Er is weinig wat hij op dit terrein niet weet, en die kennis paste hij ook met grote gretigheid toe in de vele beschrijvingen die hij van de objecten uit de collectie maakte: gedegen, goed geformuleerd en met aandacht en liefde voor het detail.
Daarnaast was Pieter uitermate welgemanierd. Als ik wegens werkzaamheden elders in het pand weer eens niet achter mijn bureau zat, nam hij steevast de telefoon aan. De gedecideerde en adequate manier waarop hij zich van die taak kweet, heeft sommigen tot de overtuiging gebracht dat ik er een particulier secretaris op nahield. Uiteraard was ik dan niet te beroerd om de mensen in die waan te laten…
Maar de tijden veranderen – waarover bij een andere gelegenheid meer – en daarmee kwam ook een onvermijdelijk eind aan Pieters werkzaamheden bij het museum. We zullen hem zeker missen.

vrijdag 9 april 2010

Fotogeniek




Nee, ik bepaald niet, hoewel de foto in het laatstverschenen nummer van het Magazine misschien die indruk zou kunnen wekken (voor wie nieuwsgierig mocht zijn: nummer 5, maart 2010, pagina 6). Ik heb het over onze collectie. Met grote regelmaat zijn we in het depot bezig met het (laten) fotograferen van museumobjecten. De depotbeheerders maken zelf documentatiefoto’s met de digitale camera van de afdeling. Die afbeeldingen worden gekoppeld aan onze registratiedatabase en zijn alleen bedoeld om een voorwerp snel te kunnen herkennen als je achter je computer iets opzoekt. Handig en snel klaar.
Aan foto’s voor presentatiedoeleinden zoals Maritiem Digitaal en voor het gebruik in boeken en drukwerk worden echter hogere eisen gesteld. Daarvoor maken wij gebruik van de diensten van twee vaste fotografen: Jean (“Peter” voor intimi) en Eric. Ze komen op afroep langs, gewapend met grote tassen met dure digitale camera’s, een hele batterij objectieven, kolossale studiolampen, zware statieven en eindeloos lange snoeren om dat alles met elkaar te verbinden. Het is prettig werken met die jongens. Ze komen hier al jaren en weten onderhand wel hoe het museum zijn spullen gefotografeerd wil hebben. Er is een speciale “fotohoek” in het depot, waar de fotograaf dan een ochtend of een hele dag zijn gang kan gaan. De depotbeheerders en ik hebben van te voren alle te fotograferen spullen al klaargezet, –gelegd of –gehangen. Tekeningen, schilderijen, atlassen, scheepsmodellen – alles passeert de lens van de fotograaf.
Soms moeten daarvoor halsbrekende toeren worden uitgehaald. Grote kaarten of atlassen kunnen niet verticaal tegen de wand worden bevestigd voor een foto. Die moeten op de vloer worden gelegd. De fotograaf zet dan zijn statief in de hoogste stand, gaat zelf op een hoge trap staan en drukt af. Ik sta er ondertussen met gekruiste vingers naast, hopend dat het allemaal goed gaat.
Een paar dagen later ligt er dan een envelop op de balie met een DVD’tje met digitale opnamen, een vel contactafdrukken en uiteraard de rekening. Wij gaan er dan weer mee aan de slag om bestelde foto’s te mailen en de bestanden te koppelen aan de database en uiteindelijk aan Maritiem Digitaal. En daar heeft u dan weer plezier van als u over Maritiem Digitaal surft.
Wees niet te veel teleurgesteld als u daarbij constateert dat nu juist dat ene object waar uw hart naar uitgaat nog niet van een plaatje is voorzien. Het Maritiem Museum Rotterdam heeft meer dan 550.000 objecten, dus het duurt nog wel even voordat die allemaal zijn gefotografeerd. Maar we doen ons best!

donderdag 1 april 2010

Meten is weten


Het gebeurt niet vaak dat je om tien over half negen ’s ochtends onder een vitrine moet kruipen. Maar soms is dat noodzakelijk, bijvoorbeeld om een datalogger te verwisselen onder de vitrine van het Matarómodel op de eerste verdieping.
Het model is een uniek stuk van een eerbiedwaardige ouderdom, waarvan de lof en de bijzonderheid niet genoeg kunnen worden bezongen.*) We zijn er dan ook erg zuinig op en we houden nauwlettend in de gaten of het model het in klimatologisch opzicht wel naar zijn zin heeft. Vandaar de datalogger: een klein apparaatje dat de temperatuur en de relatieve vochtigheid in de vitrine moet meten. Ingetogen vormgegeven en een wonder van technisch vernuft. Helaas was projectleidster Patricia van de presentatie Maritiem Museum backstage niet zo gecharmeerd van de aanwezigheid van een logger in “haar” Mataróvitrine. Om haar te vriend te houden moest de logger dan ook discreet worden weggewerkt onder de vitrinebodem. Dat betekent op gezette tijden enige gymnastiek op de vroege morgen om de logger te kunnen uitlezen. En dat alles voor de goede zaak: een verantwoord behoud van de collectie.

*) Zie de speciale presentatie van het Matarómodel op de website van het Maritiem Museun onder: Programma > Digitale tentoonstellingen > Het Mataró-model online.