woensdag 18 mei 2011

Sasja in drievoud



Nee, niet Sacha de Boer, die ons altijd met betoverende blik de verschrikkelijkste nieuwsfeiten van de dag voorschotelt, maar Sasja Hagens. Young and dashing, getalenteerd, lang, knap en met een overdonderende présence heeft zij de afgelopen jaren snel naam gemaakt als kunstenares. De Rotterdamse haven is haar natuurlijke habitat en de indrukken die zij daar opdoet, worden door haar omgezet in schilderijen. Sasja maakt hele kleine, maar ook hele grote werken, waarin ze de meest uiteenlopende materialen toepast.

De discussie die enkele jaren geleden hier in huis werd gevoerd bij de voorgenomen aankoop van een van haar schilderijen zorgde ervoor dat er met andere ogen naar de verbeelding van “het maritieme” werd gekeken. Daarmee werden de geesten rijp gemaakt voor Hedendaagse Maritieme Kunst”. Inmiddels heeft het museum twee schilderijen van haar hand en daar is voor de tentoonstelling Yin & Jan tijdelijk een derde schilderij aan toegevoegd, in bruikleen van een groot Rotterdams bedrijf. Als je op de vloer zorgvuldig positie kiest, kun je ze alle drie in één oogopslag zien. Indrukwekkend en groots, maar dat is Sasja zelf eigenlijk ook…

woensdag 13 april 2011

Op spokenjacht


Sinds 1 januari kent het Maritiem Museum Rotterdam een afdeling Informatiebeheer. Dit is een nieuwe afdeling, waarin de bibliotheek en de collectieregistratie zijn geïntegreerd. De afdeling Informatiebeheer legt zich toe op informatievoorziening aan collega’s en bezoekers en op de verbetering van de bestaande objectbeschrijvingen in de database. Yours truly heeft ook de overstap gemaakt naar deze nieuwe afdeling en wel als applicatiebeheerder. Onder bezielende leiding van het nieuwe afdelingshoofd Ben en in de inspirerende werkomgeving van de bibliotheek wordt door een aantal medewerkers hard gewerkt aan verbetering en aanvulling van de bestaande collectieregistratie.

En dat is, eerlijk gezegd, geen overbodige luxe. De collectie is groot en de beschrijvingen zijn niet altijd even accuraat. Daar komt nog bij dat er in de afgelopen vijfentwintig jaar enkele malen van registratiesoftware is gewisseld, met de nodige conversiefouten tot gevolg. Dat wisten we allemaal eigenlijk wel zo’n beetje, maar een systematisch onderzoek naar de tekortkomingen in de registratie bracht toch tamelijk ontnuchterende conclusies aan het licht. Vandaar dat nu “alle hens aan dek” bezig zijn met het systematisch verbeteren en aanvullen van de objectbeschrijvingen. Zelfs Pieter (zie mijn blog van 23 december j.l.) is weer ingehuurd en zit weer op zijn plek alsof hij niet is weggeweest.

Mijn eerste klus is het jagen op “spookrecords”: niet het onafhankelijke hardcore muzieklabel (“Independent Hardcore – Since 2006” – Google het maar eens), maar records in de database die alleen plaatjes bevatten zonder objectbeschrijvingen. Deze plaatjes moeten dan worden gekoppeld aan de juiste objecten. Een lastige klus, waarbij denkwerk, toeval en een forse dosis geluk hand in hand gaan. Een deel van dit werk kan worden geautomatiseerd – vandaar het denkwerk – maar een groot deel van dit soort conversiefouten moet handmatig worden hersteld. En daar is toeval en geluk voor nodig. Én doorzettingsvermogen: door de omvang van de collectie gaat het om aanzienlijke aantallen. Zo neemt iedere collega van de afdeling een of meer lastige klussen voor zijn of haar rekening. En als die af is, de volgende en dan weer een, enzovoort.

Het is allemaal niet zo sexy en de gemiddelde museumbezoeker ziet er niet zo veel van, maar nuttig is het zeker. De conservatoren en de projectleiders zullen er de vruchten van plukken, en ook de bezoekers van Maritiem Digitaal - en dat zijn er meer dan u denkt!

woensdag 30 maart 2011

Stilleven in het depot



Vrijdagmiddag tien over vijf: in een hoek van het depot staan ze keurig in het gelid, klaar om de maandag daarop “naar de vloer te gaan”: voorwerpen voor de tentoonstelling Yin & Jan. China en Nederland door scheepvaart verbonden. De opbouw is (vrijwel) klaar; maandag moeten de laatste dingen worden afgewerkt en daarna begint het inrichten. Woensdag komen de collega’s uit Sjanghai om de bruiklenen uit China te plaatsen en zaterdag moet het allemaal klaar zijn. Nog acht nachtjes slapen…

donderdag 17 maart 2011

Arrivederci, le bellezze!



...en zo reikhalzend als naar hun komst werd uitgekeken (zie het blog van 30 augustus vorig jaar), zo onopgemerkt was hun vertrek. Je komt 's morgens in het depot de lift uit en je stoot je neus tegen een hele stapel kartonnen dozen, met daarin de Italiaanse paspoppen die op Fashion Ahoy! met de prachtigste modecreaties waren aangekleed. De tentoonstelling is afgelopen, de bruiklenen gaan retour naar de Parijse modehuizen en ook de bellissime ragazze gaan terug naar Milaan. ’s Middags rijdt de vrachtwagen weer voor en de poppen worden ingeladen. Ciao! Nu is het tijd voor de Chinezen!

Digitale hoogstandjes


Een van de schatten van het Maritiem Museum is de “Mercatoratlas”. Het is eigenlijk geen echte atlas, maar een wereldkaart die in stukken is geknipt en die is ingebonden. Een “kaart in atlasvorm”, zoals het door mijn collega Sjoerd wordt genoemd. En eigenlijk bestaat de atlas niet uit één kaart, maar uit delen van twee, of zelfs drie verschillende kaarten. Hoe het ook zij, de Mercatoratlas is een topstuk. Van de wereldkaart van Mercator zijn wereldwijd maar drie complete exemplaren bekend, waarvan het onze de enige ingekleurde en ingebonden kaart is.

In 2012 wordt herdacht dat Gerard Mercator 500 jaar geleden werd geboren. Ter gelegenheid daarvan wordt in het Maritiem een tentoonstelling georganiseerd en verschijnt er een speciaal boek waarin de atlas in zijn geheel wordt gereproduceerd. Daarvoor moest de atlas worden gefotografeerd en dat had heel wat voeten in de aarde. Vanwege de zeldzaamheid moest de atlas hier in huis worden gefotografeerd. Een gespecialiseerde fotograaf kwam met maar liefst twee assistenten en een voor een vermogen aan apparatuur naar het museum om hoge-resolutie opnamen van de kaarten in de atlas te maken - voor de kenners volgens de one shot/multi shot- methode, waarbij van elke kaart vier afzonderlijke foto’s worden gemaakt met elk zijn eigen kleurenspectrum. Dat levert enorme grote digitale bestanden op, die moeten worden gedownsized om er iets mee te kunnen doen.

Het maken van de opnamen kostte twee volle dagen, waarbij telkens heel kritisch moest worden gekeken of de bladen in de atlas wel mooi horizontaal lagen. Elke oneffenheid zou onscherpe partijen op de foto opleveren, en daarmee het effect bederven. Dat gold ook voor mogelijke trillingen tijdens de opname. Je voelt het zelf niet, maar de camera registreert de trillingen en blokkeert automatisch. Dan besef je weer dat het museum boven de metrobuis staat.

Elke opname werd op het scherm van een iMac uitvergroot, om te kunnen beoordelen of de hij wel scherp genoeg was. En leve Photoshop! – omdat de bladzijden te groot waren om in één keer te worden opgenomen, moesten telkens twee opnames aan elkaar worden gemonteerd.
Het resultaat van al dat werk ligt nu naast mijn toetsenbord, in de vorm van een klein zwart doosje, ter grootte van een pakje sigaretten: een externe harddisk, met daarop de digitale bestanden. Heel handig en technisch geavanceerd – maar ik heb toch eigenlijk liever een écht boek…

Sjoerd de Meer, Atlas van de Wereld, uitgave Walburg Pers, verschijnt dit najaar. De tentoonstelling in het Maritiem Museum Rotterdam over Mercator begint op 24 september 2011.

vrijdag 11 februari 2011

The curse of the Black Pearl



It = (LmBm^3)/12 + 2*(LzBz^3)/12 + 2*Lz*Bz*Dmz^2

Begrijpt u deze formule? Dan heeft u meer technisch inzicht dan ik. Net als mijn jongste zoon Maarten, die de afgelopen weken heeft meegedaan aan de Solar Boat Challenge Junior, een project van de TU Delft voor middelbare scholieren met technische interesse. Na een strenge selectie van aanmeldingen uit het hele land bleef een select gezelschap van vijfentwintig uitverkorenen over. Met groepjes van vier kregen de techneuten-in-spe hoor- en werkcolleges over mechanica, zonne-energie en scheepsbouw en moesten ze een miniatuurboot met zonnecel-aandrijving bouwen. Voor Maarten ging een wereld open – en voor ons ook. Allerlei formules en berekeningen (zoals de bovenstaande) werden met het grootste gemak opgelost – niet bepaald goed voor het zelfbeeld van yours truly – en er werd voortdurend ingespeeld op de maritiem-technische actualiteit. Zo was de gekapseisde binnenvaarttanker op de Rijn aanleiding voor uitgebreide technische bespiegelingen over het stabilisatiepunt van schepen, die aan de ontbijttafel van achter het pak hagelslag ten beste werden gegeven.
Een presentatie van het eigen project en een race tussen de gebouwde zonneboten sloot vorige week vrijdag het project af. Vanwege de harde wind kon de solar boat race niet op open water worden gehouden en moest er worden uitgeweken naar de sleeptank van de faculteit Werktuigbouwkunde, Maritieme Techniek & Technische Materiaalwetenschappen (in de wandeling 3mE) genaamd.

De afgelopen weken was door de vijf teams verwoed gewerkt aan de zonneboten. De leden van Team 1 hadden de hunne Black Pearl gedoopt – en misschien hadden ze dat beter niet kunnen doen. Bij de proefvaart deed het scheepje het prima, maar vlak voor aanvang van de race sloeg de Vloek van de Black Pearl toe en brandde het motortje door. Alles werd in het werk gesteld om het probleem te verhelpen, maar het mocht niet baten. Door het dwingende tijdschema van de sleeptankmedewerkers was er helaas niet genoeg tijd over om een nieuw motortje te installeren.
De teleurstelling was uiteraard groot, maar Team 1 nam man/vrouwmoedig zijn verlies. Maartens motivatie voor een technische studie is er alleen maar groter op geworden. Volgend jaar eindexamen doen en dan… op naar Delft!

Zie voor de Junior TU Delft: http://www.tudelft.nl/live/pagina.jsp?id=eccb1367-1501-45fa-9dc1-990f42454762&lang=nl en voor de Junior Solar Boat Challenge:
http://www.tudelft.nl/live/pagina.jsp?id=888fa943-19a4-4282-ba9d-e7e2085e6bf5&lang=nl

vrijdag 21 januari 2011

Onderzoek als werkverschaffing


Onder normale omstandigheden is het zo dat de directeur zijn medewerkers aan de arbeid zet in plaats van omgekeerd. De afgelopen tijd heb ik het genoegen mogen smaken dat de directeur van het Maritiem een klus voor mij moest opknappen. Als redactielid van het Rotterdams Jaarboekje – de al meer dan een eeuw verschijnende jaarlijkse bundel met bijdragen, gewijd aan de geschiedenis van Rotterdam – was mij gevraagd onze directeur te strikken voor een maritiem artikel. Directeuren zijn echter drukbezette mensen en uitgebreid archiefonderzoek zat er dus niet in. Een snelle brainstorm tussen ons tweeën in de gang voor de directiekamer leidde tot het idee om de positie van het Maritiem Museum in de wereld in het algemeen, meer specifiek in Nederland en in Rotterdam in het bijzonder als onderwerp te nemen voor een artikel. Daarvoor hoefde geen eindeloze speurtocht in de archieven op touw te worden gezet. Jaarverslagen, correspondentie en zelfs oral history van oud-medewerkers waren immers al in eigen huis – en dus onder handbereik.
Met de hem kenmerkende voortvarendheid pakte onze directeur het onderzoek aan. Hij heeft het geweten – en ik ook. Regelmatig zag ik hem door het gebouw snellen met een stapel jaarverslagen en een notebook onder de arm, af en toe een verwijtende blik mijn kant uitwerpend – als aanstichter van alle kwaad.

[Burgemeester Opstelten en Nedlloyd-bestuursvoorzitter Haddo Meijer metselen een oorkonde in bij de nieuwe Nedlloydvleugel van het Maritiem Museum, mei 2004]

De toezegging dat ik het bijbehorende illustratiemateriaal bij elkaar zou zoeken en een bemoedigend woord op zijn tijd hielden het moreel bij de schrijver hoog. En nu is het klaar: een goed geschreven artikel, waarin de argeloze belangstellende lezer een compleet beeld krijgt van meer dan anderhalve eeuw maritiem verzamelen in Rotterdam – en de meer ingewijde lezer tussen de regels door heel wat te weten komt over het maritiem-museale wel en wee van de afgelopen decennia. Maar wél tussen de regels door, want, zoals dat zo vaak met hedendaags onderzoek gaat: de écht leuke dingen uit het recente verleden worden niet opgeschreven. Dat is voer voor latere historici…

Het Rotterdams Jaarboekje is een uitgave van het Gemeentearchief Rotterdam, in samenwerking met het Historisch Genootschap Roterodamum. Het jaarboekje 2010 (11de reeks, 7de jaargang) verschijnt eind dit jaar. Het jaarboekje is voor leden van Roterodamum gratis verkrijgbaar.