woensdag 17 augustus 2011

Cultuurspreiding op zijn Texels


Wie in Den Hoorn over de Diek – “op Diek” in het plaatselijk spraakgebruik – wandelt, kan als het even wil ter hoogte van de vroegere kosterswoning op huisnummer 11 een mooi gerestaureerde antieke Chevrolet 3100 pickup truck zien staan. Maar het is niet zozeer de Chevrolet die de verbeelding prikkelt, maar het bordje op het tuinmuurtje daarachter: “Texels Instituut ter bevordering van flessenpost overzee. / dagelijks geopend tenzij gesloten”. Nu is ons land soms wel eens wat over-geïnstitutionaliseerd, maar deze had u beslist nog niet zelf verzonnen.
Met een beetje geluk staat het tuinpoortje open; een bloemrijk wandelpaadje leidt naar de voormalige Doopsgezinde kerk achter de woonhuizen en in die vroegere kerk huist de auctor intellectualis van het Instituut: de kunstenaar Henk Noorlander. Het kunstenaarsbestaan maakt dorstig en lege flessen kun je in de glasbak gooien, maar je kunt er ook iets anders mee doen. Noorlander besloot de flessen te gebruiken als middel om de getekende voorstudies voor zijn werken onder een breder en onbekend publiek te verspreiden. Elke lege fles bevat een getekende voorstudie van zijn hand én het verzoek aan de vinder om contact met hem op te nemen. Een dealtje met enkele Texelse vissers om de flessen op zee overboord te gooien zorgt voor een ruim verspreidingsgebied – en dus voor een grotere kans op contacten.
Misschien spoelt zo’n fles met een echte Noorlander er in ook eens voor uw voeten aan. En anders moet u maar eens een bezoek brengen aan het Instituut. Dan kunt u gelijk de kleine vaartuigjes zien die Noorlander samen met zijn familieleden heeft gemaakt. Maritieme kunst, te zien “op Diek” 11a: dagelijks geopend, tenzij gesloten!

Meer lezen over flessenpost en wie er allemaal achter zit? Wim Kruiswijk, Flessenpost. De zee als postbezorger, Uitgeverij Lanasta, Emmen 2010

vrijdag 5 augustus 2011

Vreemde conclusies


De fotocollectie van het Maritiem Museum Rotterdam is één van de grootste deelcollecties die het museum rijk is. In de loop der jaren hebben vele medewerkers een bijdrage geleverd aan de beschrijving van de foto’s. Een titanenklus, waarvan raadplegers van Maritiem Digitaal dagelijks plezier hebben. Niet elke medewerker aan het beschrijvingsproject beschikte echter over voldoende achtergrondkennis om de voorstellingen op de foto’s op de juiste manier te interpreteren. Dat levert soms beschrijvingen op die onbedoeld komisch aandoen.
Zo kwam ik afgelopen week bovenstaande foto tegen (inventarisnummer F60299), die deel uitmaakt van een serie foto’s met hetzelfde onderwerp: de bezichtiging door een gezelschap van een hotelplatform in aanbouw voor de offshore-industrie bij Holland Repair and Services Amsterdam in 1982. Op de foto maakt een van de leden van het gezelschap de deur open van een ruimte, die door de beschrijver met enig voorbehoud is omschreven als “een interieur (een koelcel?)”. De luxe uitvoering van de ruimte – met toepassing van veel hout – het zitbankje en het venstertje in de deur doen echter niet direct aan een koelcel denken, maar eerder aan een ruimte waarin het aanzienlijk warmer wordt…
De sleutel tot dit raadsel zit in het naambordje van de leverancier op de binnenzijde van de deur, dat op de originele foto slechts met een vergrootglas is te ontcijferen. De naam KLAFS verwijst naar een Duits bedrijf dat zich sinds 1928 gespecialiseerd heeft in de fabricage van sauna’s en andere wellness-installaties en dat naar eigen zeggen the world market leader in sauna, wellness and spa industry is.

En inderdaad: een koelcel en een sauna zijn wel twee totaal verschillende dingen…

woensdag 22 juni 2011

Kleine opdondertjes



Ik wist niet dat ze bestonden: duwboten in zakformaat. Fietsend langs de Rotte op donderdagmorgen (met dank aan de stakende RET) zag ik er eentje varen. De ‘Zeearend' uit Urk met een hakkepuf-motortje, druk doende om een duwbak met zand stroomafwaarts op te duwen naar het veilingterrein bij de A20. De schipper aan het roer en een tweede man om hem wakker te houden. Het zal je werk maar zijn: de hele dag op en neer varen, tussen de deponie bij het veilingterrein en de baggerwerkzaamheden bij het Prinsemolenpad... een binnenschipper ziet meer van de wereld.
Een eerzaam beroep lijkt het me wél, met genoeg gelegenheid om de zin van het leven te overdenken en te dromen van een glorieuze carrière – als schipper op een grote duwboot, bijvoorbeeld! Daar hebben we overigens een mooi voorbeeld van in de collectie: de EWT 106 ‘Jacob C. van Neck’ van de Europese Waterweg Transporten BV. Daarmee kom je beslist verder dan alleen op en neer over de Rotte…

woensdag 18 mei 2011

Sasja in drievoud



Nee, niet Sacha de Boer, die ons altijd met betoverende blik de verschrikkelijkste nieuwsfeiten van de dag voorschotelt, maar Sasja Hagens. Young and dashing, getalenteerd, lang, knap en met een overdonderende présence heeft zij de afgelopen jaren snel naam gemaakt als kunstenares. De Rotterdamse haven is haar natuurlijke habitat en de indrukken die zij daar opdoet, worden door haar omgezet in schilderijen. Sasja maakt hele kleine, maar ook hele grote werken, waarin ze de meest uiteenlopende materialen toepast.

De discussie die enkele jaren geleden hier in huis werd gevoerd bij de voorgenomen aankoop van een van haar schilderijen zorgde ervoor dat er met andere ogen naar de verbeelding van “het maritieme” werd gekeken. Daarmee werden de geesten rijp gemaakt voor Hedendaagse Maritieme Kunst”. Inmiddels heeft het museum twee schilderijen van haar hand en daar is voor de tentoonstelling Yin & Jan tijdelijk een derde schilderij aan toegevoegd, in bruikleen van een groot Rotterdams bedrijf. Als je op de vloer zorgvuldig positie kiest, kun je ze alle drie in één oogopslag zien. Indrukwekkend en groots, maar dat is Sasja zelf eigenlijk ook…

woensdag 13 april 2011

Op spokenjacht


Sinds 1 januari kent het Maritiem Museum Rotterdam een afdeling Informatiebeheer. Dit is een nieuwe afdeling, waarin de bibliotheek en de collectieregistratie zijn geïntegreerd. De afdeling Informatiebeheer legt zich toe op informatievoorziening aan collega’s en bezoekers en op de verbetering van de bestaande objectbeschrijvingen in de database. Yours truly heeft ook de overstap gemaakt naar deze nieuwe afdeling en wel als applicatiebeheerder. Onder bezielende leiding van het nieuwe afdelingshoofd Ben en in de inspirerende werkomgeving van de bibliotheek wordt door een aantal medewerkers hard gewerkt aan verbetering en aanvulling van de bestaande collectieregistratie.

En dat is, eerlijk gezegd, geen overbodige luxe. De collectie is groot en de beschrijvingen zijn niet altijd even accuraat. Daar komt nog bij dat er in de afgelopen vijfentwintig jaar enkele malen van registratiesoftware is gewisseld, met de nodige conversiefouten tot gevolg. Dat wisten we allemaal eigenlijk wel zo’n beetje, maar een systematisch onderzoek naar de tekortkomingen in de registratie bracht toch tamelijk ontnuchterende conclusies aan het licht. Vandaar dat nu “alle hens aan dek” bezig zijn met het systematisch verbeteren en aanvullen van de objectbeschrijvingen. Zelfs Pieter (zie mijn blog van 23 december j.l.) is weer ingehuurd en zit weer op zijn plek alsof hij niet is weggeweest.

Mijn eerste klus is het jagen op “spookrecords”: niet het onafhankelijke hardcore muzieklabel (“Independent Hardcore – Since 2006” – Google het maar eens), maar records in de database die alleen plaatjes bevatten zonder objectbeschrijvingen. Deze plaatjes moeten dan worden gekoppeld aan de juiste objecten. Een lastige klus, waarbij denkwerk, toeval en een forse dosis geluk hand in hand gaan. Een deel van dit werk kan worden geautomatiseerd – vandaar het denkwerk – maar een groot deel van dit soort conversiefouten moet handmatig worden hersteld. En daar is toeval en geluk voor nodig. Én doorzettingsvermogen: door de omvang van de collectie gaat het om aanzienlijke aantallen. Zo neemt iedere collega van de afdeling een of meer lastige klussen voor zijn of haar rekening. En als die af is, de volgende en dan weer een, enzovoort.

Het is allemaal niet zo sexy en de gemiddelde museumbezoeker ziet er niet zo veel van, maar nuttig is het zeker. De conservatoren en de projectleiders zullen er de vruchten van plukken, en ook de bezoekers van Maritiem Digitaal - en dat zijn er meer dan u denkt!

woensdag 30 maart 2011

Stilleven in het depot



Vrijdagmiddag tien over vijf: in een hoek van het depot staan ze keurig in het gelid, klaar om de maandag daarop “naar de vloer te gaan”: voorwerpen voor de tentoonstelling Yin & Jan. China en Nederland door scheepvaart verbonden. De opbouw is (vrijwel) klaar; maandag moeten de laatste dingen worden afgewerkt en daarna begint het inrichten. Woensdag komen de collega’s uit Sjanghai om de bruiklenen uit China te plaatsen en zaterdag moet het allemaal klaar zijn. Nog acht nachtjes slapen…

donderdag 17 maart 2011

Arrivederci, le bellezze!



...en zo reikhalzend als naar hun komst werd uitgekeken (zie het blog van 30 augustus vorig jaar), zo onopgemerkt was hun vertrek. Je komt 's morgens in het depot de lift uit en je stoot je neus tegen een hele stapel kartonnen dozen, met daarin de Italiaanse paspoppen die op Fashion Ahoy! met de prachtigste modecreaties waren aangekleed. De tentoonstelling is afgelopen, de bruiklenen gaan retour naar de Parijse modehuizen en ook de bellissime ragazze gaan terug naar Milaan. ’s Middags rijdt de vrachtwagen weer voor en de poppen worden ingeladen. Ciao! Nu is het tijd voor de Chinezen!